foto

Opbrengsten en resultaten van ons onderwijs

 

 

Varend op eigen kompas, uitdagend op ieder(s) niveau...... Op deze pagina gaan we de resultaten van ons onderwijs tonen. Dat vergt de nodige tijd en aandacht. Voor een school die uitdagend is op ieder(s) niveau is het een uitdaging hoe je over bijvoorbeeld de resultaten van de zorg aan de leerlingen met een aparte leerlijn rapporteert of hoe je over hoogbegaafde leerlingen rapporteert. Of wat dacht u van de resultaten van ons kunst en cultuur onderwijs? Hoe rapporteer je daar over? Dit schooljaar denken we daar over na (team, staf, MR). Hieronder vindt u alvast een drietal opbrengsten. De eindopbrengsten, de opbrengsten op sociaal-emotioneel gebied en de opbrengsten van de leerlingen 'aan de bovenkant'.

 

Eindopbrengsten
 

De eindopbrengsten meten we met het Drempelonderzoek. Dit is een van de 19 gegevens die we gebruiken bij het geven van een schooladvies in groep 8. Het Drempelonderzoek nemen we af in november. De onderdelen zijn: Begrijpend Lezen, Rekenen/Wiskunde, Woordenschat en Spelling. Bij leerlingen die naar het LWOO of Praktijkonderwijs gaan, wordt ook het Technisch Lezen meegewogen. De getallen die u in het tabelletje zijn de gemiddelde scores zoals deze ook op de CITO Eindtoets verschijnen. De inspectie stelt een ondergrens voor iedere school op basis van het percentage gewichtsleerlingen (dit zijn leerlingen waarvan beide ouders alleen basisschool of VMBO basis/kader niveau hebben). Hoe meer gewichtsleerlingen, hoe lager deze ondergrens. Een school mag zich nooit vergelijken met het 'landelijk gemiddelde', maar moet zich vergelijken met de grens die geldt voor het percentage gewichtsleerlingen dat zij hebben. Noot: voor schooljaar 2013-2014 heeft de inspectie nog geen norm gepubliceerd, daarom hebben we de norm uit 2012 ook bij 2013 gezet.
 

  2011 2012 2013 2014
Score Viermaster 534,0 536,2 534,4 536,0
Ondergrens inspectie 532,9 533,1 533,1 533,1
Eindopbrengsten (Drempelonderzoek)

 

Eindopbrengst sociaal-emotioneel
 

Wij volgen de leerlingen ook in hun sociaal-emotionele ontwikkeling. Dit doen wij door het observatiesysteem KIJK in groep 1/2 en VISEON in groep 3 t/m 8. Vanaf groep 5 vullen leerlingen ook zelf een vragenlijst in. We besteden in ons onderwijs veel aandacht aan de sociaal-emotionele ontwikkeling (zie o.a. onze schoolgids). Bij de ontwikkeling (en de meting) letten we op het zelfbeeld van het kind, de relatie met de andere kinderen, de relatie met de leerkracht(en), het schoolbeeld en het beeld dat het kind heeft van zijn werkhouding. De Inspectie van het Onderwijs stelt als norm dat je op het gemiddelde moet scoren van Nederland voor wat betreft het percentage A, B en C scores in VISEON in groep 8. Als Viermaster scoren we daar al jaren ruim boven. Je kunt dan ook zeggen dat kinderen op De Viermaster op sociaal-emotioneel gebied goed in hun vel zitten.

Jaar 2011 2012 2013 2014
Behaalde score (% A,B,C) 83% 82% 84% 88%
Gemiddelde Nederland 75% 75% 75% 75%
Resultaten sociaal-emotioneel (VISEON)

 

Eindopbrengsten Engels

Als Viermaster investeren we in het onderwijs in de Engelse taal (zie schoolgids). De leerlingen worden hier ook in gevolgd. Eind groep 7 en halverwege groep 8 wordt de CITO Engelse taal afgenomen. Hieronder staan de gemiddelden van de vier gebieden die worden getoetst. De leerlingen van de Viermaster die afgelopen schooljaar de school verlieten horen gemiddeld op alle vier de onderdelen bij de beste 25% van Nederland.
 

Luistervaardigheid

  A 

Goed

Leesvaardigheid

 A 

Goed

Auditieve woordenschat

  A

Goed

Schriftelijke woordenschat

  A

Goed

 

 

Resultaten bovenste 20% van de leerlingen

 

 

Behalve dat we als school investeren in de leerlingen die traditioneel in de ‘middengroep’ zitten en leerlingen die meer zorg nodig hebben, investeert De Viermaster ook veel in leerlingen die meer uitdaging nodig hebben. Dat doen we onder andere door middel van het omgaan met verschillen in de groep, het plusgroepen aanbod en de ontdekkersgroep. Overigens investeren we als school ongeveer vier keer zoveel leerkrachttijd in leerlingen die zorg ‘aan de onderkant’ nodig hebben, dan in leerlingen ‘aan de bovenkant’. Leerlingen ‘in het midden’ krijgen minstens zoveel aandacht als de leerlingen ‘aan de bovenkant’. De mate van aandacht is met name afhankelijk van de onderwijsbehoefte van de leerling.

Om resultaten van ons aanbod aan de bovenkant te monitoren, volgen we de lijn van het Ministerie van Onderwijs en de Onderwijsinspectie. Zij kijken naar de zogenaamde grenswaarde van de ‘bovenste 20% van de leerlingen’. 

Hieronder een overzicht van de grenswaarden van de afgelopen jaren van de ‘bovenste 20% van de leerlingen’. Het meetmoment is het drempelonderzoek.

 

 

jaar 2010 2011 2012 2013
Behaalde score 543 544 543 545
Doelstelling Viermaster   542 543 543
Resultaten bovenste 20% van de leerlingen